Over muziek

 

eiland

Muziek is een taal op zich, die zich bedient van trillingen (tonen), klankkleur (boventonen) en ritme. De toonkunst is wat mij betreft gebonden aan natuurwetten. Trillingsverhoudingen en metrum gaan in wezen over getallen. De verschillende intervallen ontlenen hun uitwerking op het gemoed aan hun verhouding tot het (actuele) tooncentrum, hun “trap” in de “ladder” van het moment en de plek in het metrum. Deze “tonaliteit” is mijns inziens wezenlijk aan toonkunst. Kleur is ook belangrijk maar zonder tonaliteit (de naam zegt het al) krijgt men geluidskunst en geen toonkunst.

      Symfonie fragment

Zonder er verder al te veel op in te willen gaan, hecht ik er aan te vermelden dat “tonaal” niet synoniem is aan “klassiek’ of “traditioneel”. Het gaat om een natuurverschijnsel, niet om cultureel bepaald erfgoed. Ook niet-westerse muziek beweegt zich rond een tooncentrum. In ieder geval maakt mijn muzikale fantasie behalve van klank-beelden grotendeels gebruik van tonaliteit en wordt daardoor een persoonlijke taal mogelijk, een intimiteit die gek genoeg herkend blijkt te worden, alsof al die gemoeds-motieven toch intrinsiek, algemeen menselijk zijn. Door de eeuwen heen en uit alle windstreken is de tonale muziek uit ons en tot ons gekomen en zal dat ook wel blijven doen.

Ergo: de “spontane” fantasie vereist een omringende structuur, wil het een kunstwerk worden, maar met alleen structuur kom je er natuurlijk niet. In die zin is de muziek als kunstvorm ultiem: emotie en ratio in het hier en nu verbonden en rechtstreeks in de hersenen voelbaar.

      Piano met orkest

Gerard Atema, 18 juni 2012